De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK MOSIAH
HOOFDSTUK 4
  25 En nu, indien gij dat in uw hart zegt, blijft gij onschuldig, maar anders wordt gij averoordeeld; en uw veroordeling is rechtvaardig, want gij begeert hetgeen gij niet hebt ontvangen.

Voetnoten
25a
LV 56:17.
  17 Wee u, gij aarmen, wier hart niet gebroken is, wier geest niet verslagen is, en wier buik niet verzadigd is, en wier handen zich er niet van weerhouden zich aan andermans goederen te vergrijpen, wier ogen vol bhebzucht zijn en die niet met uw eigen handen wilt arbeiden!