HET BOEK MOSIAH
HOOFDSTUK 3
26
Daarom hebben zij uit de beker van de verbolgenheid Gods gedronken, waarvan de gerechtigheid hun evenmin kon vrijwaren als zij kon ontkennen dat aAdam zou vallen omdat hij van de verboden bvrucht had genomen; daarom kon de nimmermeer aanspraak op hen maken.
Voetnoten
|