De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK MOSIAH
HOOFDSTUK 3
  11 Want zie, en zijn abloed bverzoent ook de zonden van hen die wegens de overtreding van Adam zijn cgevallen, die zijn gestorven zonder de wil van God aangaande hen te kennen, of die donwetend hebben gezondigd.

Voetnoten
11a
b
c
d
2 Ne. 9:25–26.
  25 Welnu, Hij heeft een awet gegeven; en waar bgeen wet is gegeven, is geen straf; en waar geen straf is, is geen veroordeling; en waar geen veroordeling is, hebben de barmhartigheden van de Heilige Israëls aanspraak op hen wegens de verzoening; want zij worden door zijn macht bevrijd.