HET BOEK MOSIAH
HOOFDSTUK 2
41
En voorts wil ik dat gij nadenkt over de gezegende en agelukkige toestand van hen die de geboden Gods onderhouden. Want zie, zij worden bgezegend in alle dingen, zowel stoffelijke als geestelijke; en indien zij volharden tot het einde, worden zij in de dhemel ontvangen, waardoor zij bij God kunnen wonen in een staat van nimmer eindigend geluk. O bedenkt, bedenkt dat deze dingen waar zijn, want de Here God heeft het gesproken.
Voetnoten
|