HET BOEK MOSIAH
HOOFDSTUK 15
26
Maar zie, en avreest en siddert voor het aangezicht van God, want gij behoort te sidderen; want de Heer verlost geen van hen die tegen Hem bopstaan en in hun zonden ; ja, allen die vanaf het begin der wereld in hun zonden zijn omgekomen, die opzettelijk tegen God zijn opgestaan, die de geboden Gods hebben gekend, maar ze niet wilden onderhouden; ddezen zijn het die egeen deel hebben aan de eerste opstanding.
Voetnoten
|