De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK MOSIAH
HOOFDSTUK 1
  10 Daarom liet hij Mosiah bij zich brengen; en dit zijn de woorden die hij tot hem sprak, zeggende: Mijn zoon, ik wil dat gij een oproep laat uitgaan door dit gehele land, onder dit gehele volk, ofwel het avolk van Zarahemla en het volk van Mosiah die in het land wonen, opdat zij tezamen zullen komen; want de dag daarna zal ik dit, mijn volk, met mijn eigen mond verkondigen dat gij over dit volk de bkoning en heerser zijt, die de Heer, onze God, ons heeft gegeven.

Voetnoten
10a
Omni 1:14.
  14 En zij ontdekten een volk dat het volk van aZarahemla werd genoemd. Welnu, er was grote blijdschap onder het volk van Zarahemla; en ook Zarahemla verblijdde zich buitengewoon omdat de Heer het volk van Mosiah had gezonden met de bplaten van koper, die de kroniek der Joden bevatten.
b
Mos. 2:30.
  30 want zelfs nu beeft mijn gehele lichaam ten zeerste terwijl ik tracht u toe te spreken; maar de Here God steunt mij en heeft mij toegestaan tot u te spreken, en mij geboden u heden te verkondigen dat mijn zoon Mosiah koning en heerser over u is.