De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
SELECTIE UIT HET BOEK MOZES
HOOFDSTUK 6
(November-december 1830)
  31 En toen Henoch deze woorden gehoord had, boog hij zich voor de Heer ter aarde neer en sprak voor het aangezicht des Heren, zeggende: Hoe komt het dat ik genade gevonden heb in uw ogen, ofschoon ik maar een knaap ben en alle mensen mij haten; want spreken valt mij zwaar; awaarom ben ik uw dienstknecht?

Voetnoten
31a
Ex. 4:10–16.
Jer. 1:6–9.