SELECTIE UIT HET BOEK MOZES
HOOFDSTUK 3
(Juni–oktober 1830)
9
En uit de grond deed Ik, de Here God, elke boom groeien, op natuurlijke wijze, die aangenaam is voor de ogen van de mens; en de mens kon hem aanschouwen. En ook deze werd een levende ziel. Want hij was geestelijk ten dage dat Ik hem schiep; want hij verblijft in de sfeer waarin Ik, God, hem schiep, ja, alle dingen die Ik heb bereid voor het gebruik van de mens; en de mens zag dat het goed was als voedsel. En Ik, de Here God, plantte ook de aboom des levens in het midden van de hof, en ook de der kennis van goed en kwaad.
Voetnoten
|