De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige
SELECTIE UIT HET BOEK MOZES
HOOFDSTUK 2
(Juni–oktober 1830)
  31 En Ik, God, zag alles wat Ik gemaakt had, en zie, alle dingen die Ik gemaakt had, waren zeer agoed; en de avond en de morgen waren de bzesde dag.

Voetnoten
31a
Gen. 1:31.
LV 59:16–20.
  16 voorwaar, Ik zeg dat voor zoverre gij dat doet, de volheid der aarde de uwe is, de dieren van het veld en de vogels van de lucht en hetgeen in de bomen klimt en op de aarde loopt;
b
Ex. 20:11.
Abr. 4:31.
  31 En de Goden zeiden: Wij zullen alles doen wat Wij hebben gezegd en ze organiseren; en zie, zij zullen zeer gehoorzaam zijn. En het geschiedde dat het van de avond tot de morgen was dat Zij nacht noemden; en het geschiedde dat het van de morgen tot de avond was dat Zij dag noemden; en Zij telden de azesde periode.