De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
SELECTIE UIT HET BOEK MOZES
HOOFDSTUK 2
(Juni–oktober 1830)
  29 En, Ik, God, zeide tot de mens: Zie, Ik heb u ieder zaaddragend gewas gegeven dat op het oppervlak van de gehele aarde is, en iedere boom waarin de vrucht van een boom zal zijn die zaad geeft; het zal u tot aspijze dienen.

Voetnoten
29a
Gen. 1:29–30.
Abr. 4:29–30.
  29 En de Goden zeiden: Zie, Wij zullen hun al het zaaddragend gewas geven dat op de gehele aardbodem komen zal en iedere boom die daarop vrucht dragen zal, ja, de vruchten van de zaadgevende boom zullen Wij hun geven; het zal hun tot avoedsel zijn.