De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
SELECTIE UIT HET BOEK MOZES
HOOFDSTUK 1
(Juni 1830)
  20 En het geschiedde dat Mozes ten zeerste begon te vrezen; en toen hij begon te vrezen, zag hij de bitterheid der ahel. Niettemin, God baanroepende, ontving hij kracht en hij beval, zeggende: Ga van mij heen Satan, want deze ene God alleen wil ik aanbidden, die de God is van heerlijkheid.

Voetnoten
20a
b
GJS 1:15–16.
  15 Toen ik mij had begeven naar de plek die ik eerder had gekozen en om mij heen had gekeken en had vastgesteld dat ik alleen was, knielde ik neer en begon de verlangens van mijn hart tot God op te zenden. Nauwelijks had ik dat gedaan, of ik werd aangegrepen door een of andere kracht die mij geheel overmande en zo’n verbazingwekkende invloed op mij had, dat mijn tong gebonden werd, zodat ik niet kon spreken. Dikke duisternis omhulde mij en enige tijd had ik het gevoel dat ik tot plotselinge verdelging was gedoemd.