De Schriften
Studiemiddelen
|
Zoeken
|
Opties
|
Gemarkeerd
|
Help
|
Nederlands
Cebuano
Dansk
Deutsch
English
Español
Suomi
Français
Magyar
Bahasa Indonesia
Italiano
日本語
한국어
Nederlands
Norsk
Português
Svenska
Tagalog
ภาษาไทย
Faka-Tonga
繁體中文
LDS.org
►
Evangeliebiliotheek
►
De Schriften
►
Het Boek van Mormon
►
Mormon
►
8
Zoeken op:
Zoeken
Verberg voetnoten
Afdrukken
< Vorige
Volgende >
HET BOEK MORMON
HOOFDSTUK 8
2 En nu geschiedde het na de
a
grote
en ontzettende slag bij Cumorah, zie, dat de Nephieten die naar het zuidelijke land waren ontkomen, door de
b
Lamanieten
werden nagezeten totdat zij allen waren vernietigd.
Voetnoten
2
a
Mrm. 6:2–15
.
2 En ik, Mormon, schreef een brief aan de koning der Lamanieten en verzocht hem ons toe te staan ons volk te verzamelen in het
a
land
Cumorah, bij een heuvel die Cumorah werd genoemd, en daar zouden wij hun slag kunnen leveren.
b
LV 3:18
.
18 en dat
a
getuigenis
zal ter kennis komen van de
b
Lamanieten
en de Lemuëlieten en de Ismaëlieten, die in ongeloof zijn
c
verkommerd
wegens de ongerechtigheid van hun vaderen, van wie de Heer geduld heeft dat zij hun broeders, de Nephieten,
d
vernietigden
wegens hun ongerechtigheden en hun gruwelen.
De officiële Schriften van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen
© 2010 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.
Informatie over rechten en gebruik
.
Privacybeleid
.
< Vorige
Volgende >