De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK MORMON
HOOFDSTUK 8
  2 En nu geschiedde het na de agrote en ontzettende slag bij Cumorah, zie, dat de Nephieten die naar het zuidelijke land waren ontkomen, door de bLamanieten werden nagezeten totdat zij allen waren vernietigd.

Voetnoten
2a
Mrm. 6:2–15.
  2 En ik, Mormon, schreef een brief aan de koning der Lamanieten en verzocht hem ons toe te staan ons volk te verzamelen in het aland Cumorah, bij een heuvel die Cumorah werd genoemd, en daar zouden wij hun slag kunnen leveren.
b
LV 3:18.
  18 en dat agetuigenis zal ter kennis komen van de bLamanieten en de Lemuëlieten en de Ismaëlieten, die in ongeloof zijn cverkommerd wegens de ongerechtigheid van hun vaderen, van wie de Heer geduld heeft dat zij hun broeders, de Nephieten, dvernietigden wegens hun ongerechtigheden en hun gruwelen.