De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK MORMON
HOOFDSTUK 8
  17 En indien er afouten zijn, zijn het de fouten van een mens. Doch zie, wij weten van geen fout; niettemin, God weet alle dingen; daarom, laat hij die bveroordeelt, zich bewust zijn van het gevaar voor het hellevuur.

Voetnoten
17a
Mrm. 9:31, 33.
  31 Veroordeelt mij niet wegens mijn aonvolmaaktheid, noch mijn vader wegens zijn onvolmaaktheid, noch hen die vóór hem hebben geschreven; maar dankt liever God dat Hij u onze onvolmaaktheden heeft onthuld, opdat gij zult leren wijzer te zijn dan wij geweest zijn.
Ether 12:23–28.
  23 En ik zeide tot Hem: Heer, de andere volken zullen met deze dingen spotten wegens onze azwakheid in het schrijven; want, Heer, Gij hebt ons door geloof machtig gemaakt in het gesproken woord, maar Gij hebt ons niet bmachtig gemaakt in het schrijven; want Gij hebt dit gehele volk zo gemaakt dat zij veel kunnen spreken dankzij de Heilige Geest, die Gij hun hebt gegeven;
b
3 Ne. 29:5.
  5 aWee hem die de handelingen des Heren bversmaadt; ja, wee hem die de Christus en zijn werken cverloochent!
Ether 4:8.
  8 En hij die het woord des Heren abestrijdt, zij vervloekt; en hij die deze dingen bverloochent, zij vervloekt; want Ik zal hun cgeen grotere dingen tonen, zegt Jezus Christus; want Ik ben het die spreekt.