Joseph Smith—Storia
GEDEELTEN UIT DE GESCHIEDENIS VAN DE PROFEET JOSEPH SMITH
33
Hij noemde mij bij de en zei tot mij dat hij een boodschapper was, uit Gods tegenwoordigheid tot mij gezonden, en dat zijn naam Moroni was; dat God een werk voor mij te doen had en dat mijn naam onder alle natiën, geslachten en talen zowel ten goede als ten kwade bekend zou zijn, ofwel dat er onder alle volken zowel goed als kwaad over zou worden gesproken.
Voetnoten
|