De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK JAKOB
DE BROEDER VAN NEPHI
HOOFDSTUK 4
  8 Zie, groot en wonderlijk zijn de werken des Heren. Hoe aondoorgrondelijk zijn de diepten van zijn bverborgenheden; en het is de mens onmogelijk al zijn wegen te ontdekken. En niemand ckent zijn dwegen, tenzij die hem worden geopenbaard; daarom, broeders, veracht de openbaringen Gods niet.

Voetnoten
8a
Rom. 11:33–36.
b
LV 19:10.
  10 Want zie, de averborgenheid der goddelijkheid, hoe groot is die! Want zie, Ik ben eindeloos, en de straf die van mijn hand uitgaat, is eindeloze straf, want bEindeloos is mijn naam. Daarom —
LV 76:114.
  114 Maar agroot en wonderlijk zijn de werken des Heren, en de bverborgenheden van zijn koninkrijk die Hij ons toonde, die in heerlijkheid en in kracht en in heerschappij alle begrip te boven gaan;
c
1 Kor. 2:9–16.
Alma 26:21–22.
  21 En nu zie, mijn broeders, welke anatuurlijke mens is er die deze dingen weet? Ik zeg u, er is niemand die deze dingen bweet, behalve de boetvaardigen.
d
Jes. 55:8–9.