HET BOEK JAKOB DE BROEDER VAN NEPHI
HOOFDSTUK 2
13
En de hand der voorzienigheid heeft u zeer vriendelijk toegelachen, waardoor gij vele rijkdommen hebt verkregen; en omdat sommigen onder u overvloediger hebben verkregen dan uw broeders, zijt gij in de hoogmoed van uw hart en loopt gij met starre hals en met opgeheven hoofd wegens de kostbaarheid van uw kleding, en vervolgt gij uw broeders omdat gij denkt beter te zijn dan zij.
Voetnoten
|