HET BOEK JAKOB DE BROEDER VAN NEPHI
HOOFDSTUK 1
19
En wij maakten ons aambt groot voor de Heer, aanvaardden de en waren bereid de zonden van het volk op ons eigen hoofd te laten neerkomen als wij hun niet met alle ijver het woord Gods leerden; door dus met alle macht te arbeiden, zou hun bloed niet op onze klederen komen; anders zou hun cbloed wél op onze klederen komen en zouden wij ten laatsten dage niet vlekkeloos worden bevonden.
Voetnoten
|