Weer gezond maken, zowel lichamelijk als geestelijk. De Schriften bevatten veel voorbeelden van wonderbaarlijke genezingen die de Heer en zijn dienstknechten hebben verricht.
Ik, de Heer, ben uw Heelmeester,
Ex. 15:26. Naäman dompelde zich zevenmaal onder in de Jordaan en was genezen,
2 Kon. 5:1–14. Door zijn striemen is ons genezing geworden,
Jes. 53:5 (
Mos. 14:3). De zon der gerechtigheid zal opgaan met genezing onder haar vleugelen,
Mal. 4:2. Jezus genas alle ziekten,
Matt. 4:23 (Matt. 9:35). Hij gaf hun macht om alle ziekte te genezen,
Matt. 10:1. Zij werden genezen door de macht van het Lam Gods,
1 Ne. 11:31. Indien gij gelooft in de verlossing in Christus, kunt gij genezen worden,
Alma 15:8. Hij genas ieder van hen,
3 Ne. 17:9. Wie in Mij gelooft om te worden genezen en niet aangewezen is om te sterven, zal genezen,
LV 42:48. In mijn naam zullen zij de zieken genezen,
LV 84:68. Wij geloven in de gave van gezondmaking,
Art. 1:7.