De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
ONDERWERPEN OP ALFABET
Wet van Mozes
God gaf het huis van Israël wetten door middel van Mozes ter vervanging van de hogere wet die zij niet hadden gehoorzaamd (Ex. 34; BJS, Ex. 34:1–2; BJS, Deut. 10:2). De wet van Mozes bestond uit tal van beginselen, regels, ceremonieën, rites en symbolen om de mensen te herinneren aan hun plicht. Zij omvatte zedelijke, religieuze en vleselijke geboden en verrichtingen — met inbegrip van offeranden (Lev. 1–7) — die bedoeld waren om hen indachtig te doen zijn aan God en hun plicht jegens Hem (Mos. 13:30). Geloof, bekering, de doop in water en vergeving van zonden vormden een onderdeel van de wet, evenals de tien geboden en vele andere geboden van hoge ethische en zedelijke waarde. Veel van de ceremoniële wet werd door de dood en opstanding van Jezus Christus vervuld, waarmee er een eind kwam aan offers door het vergieten van bloed (Alma 34:13–14). De wet, die werd bediend onder het Aäronisch priesterschap, was een voorbereidend evangelie dat de aanhangers ervan tot Christus moest brengen.
Ik zal hun de wet geven, zoals eerst, maar die zal naar de wet van een vleselijk gebod zijn, BJS, Ex. 34:1–2. De wet was onze tuchtmeester om ons tot Christus te brengen, Gal. 3:19–24. Wij bewaren de wet van Mozes en kijken standvastig naar Christus uit, 2 Ne. 25:24–30. Het heil komt niet door de wet van Mozes alleen, Mos. 12:27–13:32. In Mij is de wet van Mozes vervuld, 3 Ne. 9:17. De wet die Mozes werd gegeven, heeft in Mij een eind, 3 Ne. 15:1–10. Wegens ongehoorzaamheid nam de Heer Mozes en het heilig priesterschap weg van de kinderen van Israël en liet hun de wet van de vleselijke geboden, LV 84:23–27.