De ootmoedigen zullen steeds meer vreugde hebben in de Heer,
Jes. 29:19 (
2 Ne. 27:30). Ik verkondig u grote blijdschap,
Luc. 2:10. Niemand ontneemt u uw blijdschap,
Joh. 16:22. De vrucht van de Geest is liefde, blijdschap, vrede,
Gal. 5:22. De vrucht van de boom vervulde mijn ziel met een buitengewoon grote vreugde,
1 Ne. 8:12. De mensen zijn opdat, zij vreugde zullen hebben,
2 Ne. 2:25. De vreugde van de rechtvaardigen zal voor eeuwig overvloedig zijn,
2 Ne. 9:18. Zij kunnen bij God wonen in een staat van nimmer eindigend geluk,
Mos. 2:41. Ik zal alles wat ik bezit opgeven om die grote vreugde te kunnen ontvangen,
Alma 22:15. Wellicht mag ik een werktuig in Gods handen zijn om een of andere ziel tot bekering te brengen; en dat is mijn vreugde,
Alma 29:9. Wat een vreugde, en wat een wonderbaar licht zag ik,
Alma 36:20. Mijn Geest zal uw ziel met vreugde vervullen,
LV 11:13. Hoe groot zal uw vreugde met deze zijn in het koninkrijk van mijn Vader,
LV 18:15–16. In deze wereld is uw vreugde niet volmaakt, maar in Mij is uw vreugde volmaakt,
LV 101:36. In dit leven zal ik vreugde hebben,
Moz. 5:10–11.