De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
ONDERWERPEN OP ALFABET
Vergeving van zonden
Vergeving van overtreding op voorwaarde van bekering. Vergeving van zonden is mogelijk gemaakt door de verzoening van Jezus Christus. Vergeving van zonden wordt verkregen wanneer iemand geloof heeft in Christus, zich van zijn zonden bekeert, de verordeningen van de doop en handoplegging voor de gave van de Heilige Geest ontvangt, en Gods geboden naleeft (Art. 1:3–4).
Al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw, Jes. 1:16–18. Dit is mijn bloed, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden, Matt. 26:28 (Hebr. 9:22–28; LV 27:2). Bekeert u en laat u dopen tot vergeving van uw zonden, Hand. 2:38 (Luc. 3:3; LV 107:20). Eenieder die in Jezus gelooft, ontvangt vergeving van zonden, Hand. 10:43 (Mos. 3:13). Christus is de Bron op wie zij mogen vertrouwen voor vergeving van hun zonden, 2 Ne. 25:26. Om vergeving van zonden te behouden, moeten wij voor de armen en behoeftigen zorgen, Mos. 4:11–12, 26. Wie zich bekeert, zal aanspraak hebben op barmhartigheid tot vergeving van zijn zonden, Alma 12:34. Het volbrengen van de geboden brengt vergeving van zonden, Mro. 8:25. Het Aäronisch priesterschap omvat de sleutels van de doop door onderdompeling tot vergeving van zonden, LV 13:1 (LV 84:64, 74; Art. 1:4). Ik de Heer, denk niet meer aan hun zonden, LV 58:42–43 (Ez. 18:21–22). Zij werden onderwezen in de plaatsvervangende doop tot vergeving van zonden, LV 138:33.