De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
ONDERWERPEN OP ALFABET
Rust, rusten
Zie ook Sabbatdag; Vrede
Vrede genieten en vrij zijn van ongerustheid en beroering. De Heer heeft zijn trouwe volgelingen zulke rust beloofd in dit leven. Tevens heeft Hij een plaats van rust voor hen bereid in het leven hierna.
Moet Ik zelf medegaan om u gerust te stellen? Ex. 33:14. Komt tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven, Matt. 11:28–29. Wij arbeidden, opdat zij zouden ingaan tot zijn rust, Jakob 1:7 (Hebr. 4:1–11). Eenieder die zich bekeert, zal ingaan tot mijn rust, Alma 12:34. Buitengewoon velen waren er die rein werden gemaakt en tot de rust des Heren ingingen, Alma 13:12–16. Het paradijs is een staat van rust, Alma 40:12 (Alma 60:13). Niemand gaat tot zijn rust in behalve zij die hun klederen in mijn bloed hebben gereinigd, 3 Ne. 27:19. Verkondig bekering aan dit volk om met hen te kunnen rusten in het koninkrijk van mijn Vader, LV 15:6 (LV 16:6). Zij die sterven, zullen van al hun arbeid rusten, LV 59:2 (Op. 14:13). De rust van de Heer is de volheid van zijn heerlijkheid, LV 84:24.