De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ETHER
HOOFDSTUK 3
  13 En zie, toen hij die woorden had gezegd, atoonde de Heer Zich aan hem en zeide: bOmdat gij die dingen weet, zijt gij verlost van de val; daarom zijt gij teruggebracht in mijn tegenwoordigheid; daarom ctoon Ik Mijzelf aan u.

Voetnoten
13a
LV 67:10–11.
  10 En voorts, voorwaar, Ik zeg u dat het uw voorrecht is, en een belofte die Ik geef aan u die tot deze bediening bent geordend, dat voor zoverre u zich van aafgunst en bvrees ontdoet, en zich voor Mij cverootmoedigt, want gij zijt niet voldoende ootmoedig, de dsluier doormidden zal worden gescheurd en u Mij zult ezien en zult weten dat Ik ben — niet met het vleselijke, noch het natuurlijke verstand, maar met het geestelijke.
b
Enos 1:6–8.
  6 En ik, Enos, wist dat God niet kon liegen; daarom was mijn schuld weggevaagd.
c