HET BOEK ENOS
13
En nu, zie, dit was het verlangen dat ik van Hem verlangde: dat als mijn volk, de Nephieten, tot overtreding verviel en op enigerlei wijze werd avernietigd, en de Lamanieten niet werden vernietigd, dat de Here God een kroniek van mijn volk, de Nephieten, zou bbewaren, zo nodig zelfs door de kracht van zijn heilige arm, opdat deze te eniger tijd in de toekomst voor de Lamanieten ctevoorschijn zou worden gebracht, zodat zij misschien tot het zouden worden gebracht —
Voetnoten
|