De Schriften
Studiemiddelen
|
Zoeken
|
Opties
|
Gemarkeerd
|
Help
|
Nederlands
Cebuano
Dansk
Deutsch
English
Español
Suomi
Français
Magyar
Bahasa Indonesia
Italiano
日本語
한국어
Nederlands
Norsk
Português
Svenska
Tagalog
ภาษาไทย
Faka-Tonga
繁體中文
LDS.org
►
Evangeliebiliotheek
►
De Schriften
►
De Leer en Verbonden
►
97
Zoeken op:
Zoeken
Verberg voetnoten
Afdrukken
< Vorige
Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 97
15 En voor zoverre mijn volk een huis voor Mij bouwt in de naam des Heren, en niet duldt dat er iets
a
onreins
binnengaat, zodat het niet verontreinigd wordt, zal mijn
b
heerlijkheid
erop rusten;
Voetnoten
15
a
LV 94:9
.
9 Maar als er iets
a
onreins
binnenkomt, zal mijn heerlijkheid er niet zijn; en mijn tegenwoordigheid zal er niet binnenkomen.
LV 109:20–21
.
20 en dat niets
a
onreins
zal worden toegestaan uw huis binnen te komen om het te bezoedelen;
b
Hag. 2:7.
LV 84:5
.
5 Want voorwaar, dit geslacht zal niet geheel voorbijgaan voordat er een huis zal zijn gebouwd voor de Heer, en er zal een wolk op rusten, welke wolk, ja, de
a
heerlijkheid
des Heren zal zijn, die het huis vervullen zal.
De officiële Schriften van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen
© 2010 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.
Informatie over rechten en gebruik
.
Privacybeleid
.
< Vorige
Volgende >