De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 84
  24 maar zij averstokten hun hart en konden zijn tegenwoordigheid niet verdragen; daarom zwoer de Heer in zijn bverbolgenheid, want zijn toorn was tegen hen ontbrand, dat zij in de wildernis niet zouden cingaan tot zijn rust, welke rust de volheid van zijn heerlijkheid is.

Voetnoten
24a
Ex. 20:18–21.
Ex. 32:8.
Deut. 9:23.
1 Ne. 17:30–31, 42.
  30 En hoewel zij werden geleid, waarbij de Heer, hun God, hun Verlosser, voor hen uit ging, hen overdag leidde en hun ‘s nachts licht gaf en alles voor hen deed wat voor de mens anuttig was om te ontvangen, verstokten zij hun hart en verblindden zij hun verstand en bbeschimpten zij Mozes en de ware en levende God.
b
Ps. 95:8.
Hebr. 3:8–11.
Jakob 1:7–8.
  7 Welnu, wij arbeidden ijverig onder ons volk om hen ertoe te bewegen atot Christus te komen en deel te hebben aan de goedheid Gods, opdat zij zouden ingaan tot zijn brust, en Hij niet op enigerlei wijze in zijn verbolgenheid zou zweren dat zij niet zouden cingaan, zoals bij de dverbittering ten dage der verzoeking, toen de kinderen Israëls in de ewoestijn waren.
Alma 12:36.
  36 En nu, mijn broeders, zie, ik zeg u dat indien gij uw hart verstokt, gij niet zult ingaan tot de rust des Heren; daarom tergt uw ongerechtigheid Hem, zodat Hij zijn verbolgenheid op u neerzendt zoals bij de eerste aterging, ja, naar zijn woord zowel bij de laatste terging als bij de eerste, tot de eeuwigdurende bvernietiging van uw ziel; daarom, naar zijn woord, zowel wat de laatste dood als de eerste betreft.
c
BJS, Ex. 34:1–2.
Num. 14:23.
Hebr. 4:1–11.