De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 78
  3 Want voorwaar, Ik zeg u: De tijd is gekomen en is nu nabij; en zie, ja, zie, het is noodzakelijk dat er een aorganisatie onder mijn volk komt, voor de regeling en vestiging van de aangelegenheden van het bvoorraadhuis voor de carmen onder mijn volk, zowel in deze plaats als in het land dZion

Voetnoten
3a
LV 82:11–12, 15–21.
  11 Welnu, voorwaar, Ik zeg u dat het noodzakelijk is voor mijn dienstknechten Edward Partridge en Newel K. Whitney en A. Sidney Gilbert en Sidney Rigdon, en mijn dienstknecht Joseph Smith, en John Whitmer en Oliver Cowdery en W.W. Phelps en Martin Harris om averbonden te zijn door een verbintenis en een verbond die niet door overtreding kunnen worden verbroken zonder dat er onmiddellijk een oordeel op volgt, in uw verschillende rentmeesterschappen —
b
LV 72:9–10.
  9 Het woord des Heren dat, naast de wet die gegeven is, de taak bekendmaakt van de bisschop die geordend is ten behoeve van de kerkgemeente in dit deel van de wijngaard, die waarlijk het volgende inhoudt —
LV 83:5–6.
  5 En daarna hebben zij aanspraak bij de kerk, of met andere woorden bij het avoorraadhuis des Heren, indien hun ouders onvoldoende middelen hebben om hun een erfdeel te geven.
c
LV 42:30–31.
  30 En zie, gij zult aan de aarmen denken, en hetgeen gij hun te geven hebt van uw bezittingen voor hun bonderhoud, ctoewijden met een verbond en een akte die niet te verbreken zijn.
d
LV 57:1–2.
  1 LUISTERT, o gij ouderlingen van mijn kerk, zegt de Heer, uw God, die zich op mijn gebod bijeenverzameld hebben in dit land, dat het land aMissouri is, dat het bland is dat Ik aangewezen en cgewijd heb voor de dvergadering van de heiligen.