De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 46
  7 Maar het wordt u geboden in alle dingen God te avragen, die mildelijk geeft; en Ik wil dat gij in alle bheiligheid des harten doet wat de Geest tot u getuigt, en daarbij oprecht wandelt voor mijn aangezicht, de uitwerking van uw behoudenis cvoor ogen houdt en alle dingen onder gebed en ddankzegging doet, opdat gij niet door boze geesten of de leerstellingen van eduivels of de fgeboden van mensen zult worden gmisleid; want sommige zijn van mensen en andere van duivels.

Voetnoten
7a
Jak. 1:5–6.
LV 88:63.
  63 anadert tot Mij en Ik zal tot u naderen; bzoekt Mij naarstig en gij zult Mij cvinden; vraagt en gij zult ontvangen; klopt en u zal worden opengedaan.
b
c
d
Ps. 100.
Alma 34:38.
  38 dat gij de Heilige Geest niet meer abestrijdt, maar dat gij Hem ontvangt en de bnaam van Christus op u neemt; dat gij u verootmoedigt, zelfs tot in het stof, en God in geest en in waarheid caanbidt, waar gij u ook bevindt; en dat gij leeft met dagelijkse ddankbetuiging voor de vele barmhartigheden en zegeningen die Hij u schenkt.
e
1 Tim. 4:1–4.
LV 43:5–7.
  5 En dit zal een wet voor u zijn, zodat gij niet de leringen van iedereen die tot u komt als openbaring of gebod aanneemt;
f
g
LV 3:6–7.
  6 En zie, hoe dikwijls hebt u de geboden en de wetten van God aovertreden en bleef u gehoor geven aan de boverredingen van mensen.
LV 45:29.
  29 maar zij aaanvaarden het niet; want zij merken het licht niet op en wenden hun bhart van Mij af wegens de cvoorschriften van de mens.