De
Leer en Verbonden
AFDELING 29
12
En voorts, voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, en het is als een onwrikbaar besluit uitgegaan, door de wil van de Vader, dat mijn aapostelen, de Twaalf die bij Mij waren tijdens mijn bediening in Jeruzalem, ten dage van mijn komst aan mijn rechterhand in een bvuurkolom zullen staan, bekleed met een mantel van gerechtigheid, met een kroon op hun hoofd, in cheerlijkheid gelijk Ikzelf, om het gehele huis van Israël te , ja, zovelen als Mij hebben liefgehad en mijn geboden hebben onderhouden, en niemand anders.
Voetnoten
|