De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 20
  19 en hun geboden heeft gegeven dat zij Hem, de enige levende en waarachtige God, moeten aliefhebben en bdienen, en dat Hij het enige wezen is dat zij moeten caanbidden.

Voetnoten
19a
Deut. 11:1.
Matt. 22:37.
Mro. 10:32.
  32 Ja, akomt tot Christus en wordt bvervolmaakt in Hem en onthoudt u van alle goddeloosheid; en indien gij u van alle goddeloosheid onthoudt en God cliefhebt met al uw macht, verstand en kracht, dan is zijn genade u genoeg, opdat gij door zijn genade volmaakt kunt zijn in Christus; en indien gij door de dgenade Gods volmaakt zijt in Christus, kunt gij de macht Gods geenszins verloochenen.
LV 59:5–6.
  5 Daarom geef Ik hun een gebod dat luidt: Gij zult de Heer, uw God, aliefhebben met geheel uw bhart, met geheel uw macht, verstand en kracht; en gij zult Hem cdienen in de naam van Jezus Christus.
b
Deut. 6:13–15.
c