De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 19
  4 En voorzeker moet ieder mens zich abekeren of blijden, want Ik, God, ben ceindeloos.

Voetnoten
4a
b
Luc. 13:3.
Hel. 14:19.
  19 Daarom, bekeert u, bekeert u, opdat gij u niet — door deze dingen te weten en ze niet te doen — onder veroordeling laat brengen, en gij wordt neergebracht tot deze tweede dood.
c
Moz. 1:3.
  3 En God sprak tot Mozes, zeggende: Zie, Ik ben de Here God, de aAlmachtige, en bEindeloos is mijn naam; want Ik ben zonder begin van dagen of einde van jaren; en is dat niet eindeloos?