De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 18
  32 En zie, u bent het die door Mij geordend zijn om priesters en leraren te aordenen; om mijn evangelie te verkondigen bvolgens de macht van de Heilige Geest die in u is, en volgens de croepingen en gaven van God aan de mens;

Voetnoten
32a
Mro. 3:1–4.
  1 De wijze waarop de discipelen, die aouderlingen van de kerk werden genoemd, priesters en leraren bordenden
LV 20:60.
  60 Iedere aouderling, priester, leraar of diaken moet worden geordend volgens de gaven en broepingen van God aan hem; en hij moet worden geordend door de macht van de Heilige Geest, die in degene is die hem ordent.
LV 107:58.
  58 Het is ook de plicht van de aTwaalf alle andere ambtsdragers van de kerk te bordenen en te organiseren, overeenkomstig de openbaring die luidt:
b
2 Pet. 1:21.
LV 68:3–4.
  3 En dit is het voorbeeld voor hen, dat zij moeten aspreken zoals zij door de Heilige Geest gedreven worden.
c
LV 20:27.
  27 evenals zij die nadien zouden komen, die zouden geloven in de agaven en roepingen van God door de Heilige Geest, die bgetuigt van de Vader en van de Zoon;