De
Leer en Verbonden
AFDELING 132
16
Daarom, wanneer zij uit de wereld zijn, huwen zij niet, noch worden zij ten gegeven, maar zij worden aangewezen als bengelen in de hemel, welke engelen dienende wezens zijn, om hen te dienen die een veel grotere en een alles te boven gaande en een eeuwige mate van heerlijkheid waardig zijn.
Voetnoten
|