De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige
De
Leer en Verbonden
AFDELING 122
  9 Welnu, houd vol op uw weg, en het priesterschap zal met u ablijven; want hun bgrenzen zijn vastgesteld, zij kunnen die niet overschrijden. Uw cdagen zijn bekend en uw jaren zullen niet verminderd worden; daarom, dvrees niet wat de mens kan doen, want God zal met u zijn tot in alle eeuwigheid.

Voetnoten
9a
LV 90:3.
  3 Voorwaar, Ik zeg u: De sleutels van dit koninkrijk zullen u nooit ontnomen worden, zolang gij in de wereld zijt, noch in de komende wereld;
b
Hand. 17:26.
c
LV 121:25.
  25 want er is voor ieder mens een atijd vastgesteld, naargelang zijn bwerken zullen zijn.
d
Neh. 4:14.
Ps. 56:4.
Ps. 118:6.
Spr. 3:5–6.
Jes. 51:7.
Luc. 12:4–5.
2 Ne. 8:7.
  7 Hoor naar Mij, gij die de gerechtigheid kent, het volk in wiens hart Ik mijn wet heb gegrift. aVrees niet voor de smaad van stervelingen, word niet verschrikt vanwege hun beschimpingen.
LV 3:7.
  7 Welnu, zie, u had de mens niet meer moeten avrezen dan God. Want hoewel de mensen de raadgevingen van God als niets achten en zijn woorden bverachten
LV 98:14.
  14 Daarom, weest niet abevreesd voor uw vijanden, want Ik heb in mijn hart besloten, zegt de Heer, dat Ik u in alle dingen zal bbeproeven, of u trouw zult blijven aan mijn verbond, ja, tot in de cdood, opdat u het waardig zult worden bevonden.