De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
De
Leer en Verbonden
AFDELING 1
  16 zij azoeken niet de Heer om zijn gerechtigheid te vestigen, maar ieder mens wandelt op zijn beigen cweg, en naar het dbeeld van zijn eigen god, wiens beeld naar de gelijkenis der wereld is en wiens wezen dat van een afgod is, die eoud wordt en in Babylon zal vergaan, ja, het fgrote Babylon, dat zal vallen.

Voetnoten
16a
Matt. 6:33.
b
Jes. 53:6.
c
LV 82:6.
  6 en de toorn Gods ontsteekt tegen de bewoners der aarde; en niemand doet goed, want allen zijn van de aweg afgeweken.
d
Ex. 20:4.
3 Ne. 21:17.
  17 uw agesneden beelden zal Ik eveneens uitroeien, en uw standbeelden uit uw midden, en gij zult het werk van uw handen niet meer aanbidden;
e
Jes. 50:9.
f
LV 64:24.
  24 Want na het heden komt de averbranding — dit is volgens de spreekwijze van de Heer — want voorwaar, Ik zeg: Morgen zullen alle bhoogmoedigen en zij die goddeloosheid bedrijven als stoppels zijn; en Ik zal hen in brand steken, want Ik ben de Heer der heerscharen; en Ik zal niemand sparen die in cBabylon blijft.
LV 133:14.
  14 Trekt weg uit het midden der natiën, ja, uit Babylon, uit het midden der goddeloosheid, hetgeen het geestelijke Babylon is.