De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
Dit beslaat de hoofdstukken 9 tot en met 14.
HOOFDSTUK 9
  17 En eens zullen zij ertoe worden agebracht in zijn woord te geloven en de onjuistheid van de overleveringen van hun vaderen in te zien; en velen van hen zullen worden gered, want de Heer zal barmhartig zijn jegens allen die zijn naam baanroepen.

Voetnoten
17a
Enos 1:13.
  13 En nu, zie, dit was het verlangen dat ik van Hem verlangde: dat als mijn volk, de Nephieten, tot overtreding verviel en op enigerlei wijze werd avernietigd, en de Lamanieten niet werden vernietigd, dat de Here God een kroniek van mijn volk, de Nephieten, zou bbewaren, zo nodig zelfs door de kracht van zijn heilige arm, opdat deze te eniger tijd in de toekomst voor de Lamanieten ctevoorschijn zou worden gebracht, zodat zij misschien tot het dheil zouden worden gebracht —
b
Alma 38:5.
  5 En nu, mijn zoon Shiblon, wil ik dat gij bedenkt dat gij, naarmate gij uw avertrouwen in God stelt, in diezelfde mate zult worden bbevrijd uit uw bezoekingen en uw czorgen en uw benauwingen, en ten laatsten dage zult worden verhoogd.
LV 3:8.
  8 toch had u getrouw moeten zijn; en Hij zou zijn arm hebben uitgestrekt en u hebben beschermd tegen al de brandende apijlen van de btegenstander; en Hij zou in alle tijden van cnood bij u zijn geweest.