De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
Dit beslaat hoofdstuk 7.
HOOFDSTUK 7
  2 En ik had zelfs nu niet kunnen komen, indien de rechterstoel niet aan een ander was aovergedragen om in mijn plaats te regeren; en in zijn grote barmhartigheid heeft de Heer mij toegestaan tot u te komen.

Voetnoten
2a
Alma 4:16–18.
  16 En hij koos een wijs man, die zich onder de ouderlingen der kerk bevond, en machtigde hem volgens de astem van het volk, zodat hij de macht zou hebben om bwetten uit te vaardigen volgens de wetten die al gegeven waren, en om die uit te voeren naargelang de goddeloosheid en de misdaden van het volk.