De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken     Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
Dit beslaat hoofdstuk 7.
HOOFDSTUK 7
  1 Zie, mijn geliefde broeders, daar het mij is toegestaan tot u te komen, tracht ik u in mijn taal atoe te spreken; ja, met mijn eigen mond, aangezien dit de eerste maal is dat ik u met de woorden van mijn mond toespreek; want ik werd geheel en al door de brechterstoel in beslag genomen en had zoveel werk dat ik niet naar u toe kon komen.

Voetnoten
1a
Alma 4:19.
  19 En dat deed hij om azelf onder zijn volk, ofwel onder het volk van Nephi, te kunnen uitgaan om hun het bwoord Gods te prediken, om hen ertoe cop te wekken hun plicht dindachtig te zijn, en om, door het woord Gods, alle hoogmoed en listigheid en alle twisten die er onder zijn volk waren, uit te roeien; want hij zag geen andere wijze om hen terug te winnen dan door hen onder druk te zetten met een onvervalst egetuigenis tegen hen.
b
Mos. 29:42.
  42 En het geschiedde dat Alma als eerste opperrechter werd aangesteld, en hij was tevens de hogepriester, want zijn vader had hem het ambt verleend en had hem belast met de zorg voor alle zaken der kerk.