De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 56
  56 Doch zie, tot mijn grote vreugde, was er van hen aniet één ziel ter aarde gevallen; ja, en zij hadden als het ware met de kracht Gods gevochten; ja, nog nooit had men meegemaakt dat mannen met zulk een wonderbaarlijke kracht vochten; en zij vielen de Lamanieten aan met zulk een grote kracht, dat zij hun schrik aanjoegen; en om die reden gaven de Lamanieten zich over als krijgsgevangenen.

Voetnoten
56a
Alma 57:25.
  25 En het geschiedde dat tweehonderd van mijn tweeduizend zestig wegens bloedverlies waren bezwijmd; maar door de goedheid Gods, en tot onze grote verbazing, en ook tot vreugde van ons gehele leger, was er van hen niet één ziel omgekomen; ja, en er was aniet één ziel onder hen die niet vele verwondingen had opgelopen.
Alma 58:39.
  39 En die zonen van het volk van Ammon van wie ik zo hoog heb opgegeven, zijn bij mij in de stad Manti; en de Heer heeft hen gesteund, ja, en hen ervoor behoed door het zwaard te vallen, zodat zelfs niet aéén ziel is gedood.