HET BOEK ALMA DE ZOON VAN ALMA
Dit beslaat hoofdstuk 5.
HOOFDSTUK 5
38
Zie, ik zeg u dat de goede aherder u roept; ja, en met zijn eigen naam roept Hij u, welke de naam van Christus is; en indien gij niet wilt bluisteren naar de stem van de cgoede herder, naar de waarmee gij wordt geroepen, zie, dan zijt gij niet de schapen van de goede herder.
Voetnoten
|