De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 41
  14 Daarom, mijn zoon, zie toe barmhartig jegens uw broeders te zijn; handel arechtmatig, boordeel rechtvaardig, en doe cvoortdurend goed; en indien gij al die dingen doet, dan zult gij uw beloning ontvangen; ja, gij zult dbarmhartigheid wederom tot u hersteld krijgen; gij zult rechtmatigheid wederom tot u hersteld krijgen; gij zult een rechtvaardig oordeel wederom tot u hersteld krijgen; en gij zult het goede wederom aan u vergoed krijgen.

Voetnoten
14a
b
Joh. 7:24.
LV 11:12.
  12 En nu, voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Stel uw avertrouwen in die bGeest die ertoe beweegt goed te doen — ja, recht te doen, cootmoedig te dwandelen, rechtvaardig te eoordelen; en dat is mijn Geest.
c
LV 6:13.
  13 Indien gij goed doet, ja, en atot het beinde cgetrouw blijft, zult gij behouden worden in het koninkrijk Gods, hetgeen de grootste van alle gaven Gods is; want er is geen grotere gave dan de gave van het dheil.
LV 58:27–28.
  27 Voorwaar, Ik zeg: De mensen dienen agedreven voor een goede zaak werkzaam te zijn en vele dingen uit eigen vrije wil te doen en veel gerechtigheid tot stand te brengen;
d