De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 40
  13 En dan zal het geschieden dat de geest der goddelozen, ja, van hen die slecht zijn — want zie, zij hebben part noch deel aan de Geest des Heren; want zie, zij verkozen boze werken boven goede; daarom is de geest van de duivel in hen gevaren en heeft hun woning in bezit genomen — en dezen zullen in de buitenste aduisternis worden uitgeworpen; daar zal bgeween en geweeklaag en tandengeknars zijn, en wel wegens hun eigen ongerechtigheid, want zij zijn door de wil van de duivel als gevangenen weggevoerd.

Voetnoten
13a
b
Matt. 8:12.
Mos. 16:2.
  2 En dan worden de goddelozen auitgeworpen, en zij zullen reden hebben om te kermen en te bwenen en te jammeren en hun tanden te knarsen; en wel omdat zij niet wilden luisteren naar de stem des Heren; daarom verlost de Heer hen niet.