De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 40
  11 Welnu, met betrekking tot de staat van de ziel tussen de adood en de opstanding, zie, het is mij door een engel bekendgemaakt dat de geest van ieder mens zodra hij dit sterfelijke lichaam heeft verlaten, ja, de geest van ieder mens, hetzij die goed of kwaad is, bhuiswaarts wordt gevoerd naar die God die hem het leven heeft geschonken.

Voetnoten
11a
Luc. 16:22–26.
1 Pet. 3:18–19.
1 Pet. 4:6.
LV 76:71–74.
  71 En voorts zagen wij de aterrestriale wereld, en zie, ja, zie, dezen zijn het die van het terrestriale zijn, van wie de heerlijkheid verschilt van die van de kerk van de Eerstgeborene, waarvan de leden de volheid van de Vader hebben ontvangen, ja, zoals de bmaan verschilt van de zon aan het uitspansel.
138.
b
Pred. 12:7.
2 Ne. 9:38.
  38 En, tenslotte, wee allen die in hun zonden sterven, want zij zullen tot God aterugkeren en zijn aangezicht aanschouwen en in hun zonden verblijven.