De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 33
  15 Want er staat aniet geschreven dat alleen Zenos over die dingen heeft gesproken, want ook bZenock heeft over die dingen gesproken —

Voetnoten
15a
Jakob 4:4.
  4 Want met dat doel hebben wij deze dingen geschreven: dat zij zullen weten dat wij van Christus awisten en vele honderden jaren voor zijn komst op zijn heerlijkheid hoopten; en niet alleen wijzelf hoopten op zijn heerlijkheid, maar ook alle heilige bprofeten die ons zijn voorgegaan.
b
1 Ne. 19:10.
  10 En de aGod van onze vaderen, die uit Egypte werden buitgeleid, uit de slavernij, en ook in de wildernis door Hem werden bewaard, ja, de cGod van Abraham en van Isaak, en de God van Jakob, dgeeft Zich, volgens de woorden van de engel, als mens over in de handen van goddelozen om te worden everhoogd, volgens de woorden van fZenock, en te worden ggekruisigd, volgens de woorden van Neüm, en in een hgraf te worden gelegd, volgens de woorden van iZenos die hij sprak met betrekking tot de drie dagen jduisternis, hetgeen een teken van zijn dood zou zijn, gegeven aan hen die de eilanden der zee zouden bewonen, en meer in het bijzonder aan hen die van het khuis Israëls zijn.
Alma 34:7.
  7 Mijn broeder heeft zich beroepen op de woorden van Zenos — dat de verlossing door middel van de Zoon van God komt — en ook op de woorden van Zenock; en hij heeft zich ook op Mozes beroepen, om te bewijzen dat deze dingen waar zijn.