HET BOEK ALMA DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 31
28
Zie, o mijn God, hun kostbare kleding en hun ringetjes en hun en hun gouden sieraden en al hun kostbaarheden waarmee zij getooid zijn; en zie, hun hart is daarop gezet, maar toch roepen zij U aan en zeggen: Wij danken U, o God, want wij zijn U een uitverkoren volk, terwijl anderen verloren zullen gaan.
Voetnoten
|