De Schriften
Studiemiddelen
|
Zoeken
|
Opties
|
Gemarkeerd
|
Help
|
Nederlands
Cebuano
Dansk
Deutsch
English
Español
Suomi
Français
Magyar
Bahasa Indonesia
Italiano
日本語
한국어
Nederlands
Norsk
Português
Svenska
Tagalog
ภาษาไทย
Faka-Tonga
繁體中文
LDS.org
►
Evangeliebiliotheek
►
De Schriften
►
Het Boek van Mormon
►
Alma
►
3
Zoeken op:
Zoeken
Verberg voetnoten
Afdrukken
< Vorige
Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 3
19 Nu wil ik dat gij inziet dat zij de
a
vervloeking
zelf over zich heen brachten; en zo brengt ieder mens die wordt vervloekt zijn eigen veroordeling over zich heen.
Voetnoten
19
a
2 Ne. 5:21–25
.
21 En wegens hun ongerechtigheid had Hij hen doen treffen met de
a
vervloeking
, ja, een zware vervloeking. Want zie, zij hadden hun hart tegen Hem verstokt, zodat het als een keisteen was geworden; welnu, omdat zij blank waren en buitengewoon schoon en
b
bekoorlijk
, deed de Here God een
c
donkere
huid op hen komen, opdat zij niet aantrekkelijk zouden zijn voor mijn volk.
Alma 17:15
.
15 Aldus was het een zeer vadsig volk, van wie er velen afgoden aanbaden, en de
a
vervloeking
Gods was op hen gevallen wegens de
b
overleveringen
van hun vaderen; toch werden de beloften des Heren hun aangeboden op voorwaarde van bekering.
De officiële Schriften van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen
© 2010 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.
Informatie over rechten en gebruik
.
Privacybeleid
.
< Vorige
Volgende >