De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 3
  14 Aldus wordt het woord Gods vervuld, want dit zijn de woorden die Hij tot Nephi sprak: Zie, Ik heb de Lamanieten vervloekt en Ik zal een teken aan hen stellen, opdat zij en hun nageslacht van u en uw nageslacht gescheiden zullen zijn, van nu af aan en voor eeuwig, tenzij zij zich bekeren van hun goddeloosheid en zich tot Mij awenden, zodat Ik barmhartig zal kunnen zijn jegens hen.

Voetnoten
14a
2 Ne. 30:4–6.
  4 En dan zal het overblijfsel van ons nageslacht kennis van ons hebben, hoe wij uit Jeruzalem zijn gekomen, en dat zij afstammelingen der Joden zijn.