De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 26
  21 En nu zie, mijn broeders, welke anatuurlijke mens is er die deze dingen weet? Ik zeg u, er is niemand die deze dingen bweet, behalve de boetvaardigen.

Voetnoten
21a
b
1 Kor. 2:9–16.
Jakob 4:8.
  8 Zie, groot en wonderlijk zijn de werken des Heren. Hoe aondoorgrondelijk zijn de diepten van zijn bverborgenheden; en het is de mens onmogelijk al zijn wegen te ontdekken. En niemand ckent zijn dwegen, tenzij die hem worden geopenbaard; daarom, broeders, veracht de openbaringen Gods niet.