De Schriften      Studiemiddelen  | Zoeken  | Opties  | Gemarkeerd  | Help  | Nederlands 
Afdrukken   < Vorige  Volgende >
HET BOEK ALMA
DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 22
  32 En nu was het voor een Nephiet slechts de aafstand van anderhalve dagreis, langs de grenslijn tussen Overvloed en het land Woestenij, van de zee in het oosten naar de zee in het westen; en aldus waren het land Nephi en het land Zarahemla vrijwel door water omgeven, met een kleine blandengte tussen het noordelijke en het zuidelijke land.

Voetnoten
32a
Hel. 4:7.
  7 en daar wierpen zij versterkingen op tegen de Lamanieten, van de westelijke zee naar het oosten; en de linie die zij hadden versterkt en waarlangs zij hun legers hadden opgesteld om hun noordelijke land te verdedigen, was voor een Nephiet een dagreis lang.
b
Alma 50:34.
  34 En het geschiedde dat zij hen pas onderschepten toen zij bij de grens van het land aWoestenij waren gekomen; en daar onderschepten zij hen bij de smalle doorgang, die bij de zee naar het noordelijke land voerde, ja, bij de zee, in het westen en in het oosten.