HET BOEK ALMA DE ZOON VAN ALMA
HOOFDSTUK 2
28
Niettemin werden de Nephieten door de hand des Heren , daar zij vurig tot Hem hadden gebeden dat Hij hen uit de handen van hun vijanden zou verlossen; daarom verhoorde de Heer hun smeekbeden en versterkte hen; en de Lamanieten en de Amlicieten stortten voor hen neer.
Voetnoten
|